dinsdag 22 augustus 2017

Stalen ros

Dag Stalen Ros,

Weet je het nog, toen we elkaar voor het eerst zagen? Jij was al jaren niet meer buiten geweest; ik had nog nooit op zo'n machien gezeten. Ik bracht je naar je garagist die je helemaal scherp stelde, en daarna reed ik voor het eerst met je naar huis.

Ik moest wel even je zadel laten uithollen, omdat je best wel hoog was (of ik klein?), maar met wat aanpassing van beide kanten konden we het best goed met elkaar vinden.

Je pittige karakter, je oer-degelijke motor, je head-turning looks. En, sinds je dat gat in je uitlaat had laten roesten, kon helemaal niemand je nog negeren. Samen scheurden we langs Vlaamse wegen.

Je kent vast die bocht nog, in Baaigem, waar we elke dag net dat ietsje sneller (en dieper) gingen, tot op het punt dat ik dacht dat we nu toch in die gracht moest belanden. Toch deden we dat niet.

Ik nam je zelfs mee naar Parijs, om daar wat halsbrekende toeren uit te halen. Maar telkens kwamen we veilig thuis, zij het soms een dagje later.

Vaak reden we met z'n twee, maar soms nam je ook nog een derde mee. Je zal er ook vast wel voor wat tussen gezeten hebben dat sommige van die passagiers me ook na de rit vergezelden. Je gedroeg je steeds als een echte bro; bedankt daarvoor!

Soms had je kuren. Toen je alternator kapot ging, in het centrum van Gent, en ik je tevergeefs in gang probeerde lopen... Daar heb ik me nogal eens belachelijk gemaakt, he.

Het spijt me, Ros, dat ik je zo heb laten verloederen de laatste jaren. Het is vast ook een beetje de schuld van m'n nieuwe(re) Mazda MX5 NA. Daarmee kon ik in de regen rijden zonder nat te worden.

Ik had vast moeten ingrijpen toen er mos op je zadel begon te groeien. Ik had je vast beter moeten soigneren. Ik had je misschien in een garage moeten zetten, met laken over je. Maar ik liet je buiten staan.

Vandaag heb ik je verkocht. Vandaag werd je op een remorque geduwd en reed je terug naar Limburg, waar ik je zeven jaar geleden ook oppikte. Hopelijk zorgt je nieuwe eigenaar beter voor je.

Liefste Ros, liefste Suzuki GSX750e van bouwjaar 1982, het ga je goed.

Dat je nog veel kilometers mag koersen.

Met liefde,
Daan

donderdag 30 maart 2017

Prutser

"Kom, toe. Drink nog ééntje." Ik zei het omdat de eenzaamheid van m'n eigen bed niet onder ogen wou zien. "'t Is nog vroeg. Ze is vast nog aan het lezen." Mijn tegenkandidaat zat, over het glas gebogen, voor zich uit te staren. "Ge ligt toch zeker niet onder de sloef?"

Jan keek op van het staren.
- "Je snapt het niet, Daan".
"Wat snap ik niet?"
- "Het leven, jong."
Ik dronk een slok gin-tonic.

"Snap jij het leven dan wel, vriend?"
Nu was het Jan die een slok van zijn pils nam.
- "Mijn vrouw praat tenminste nog met mij."

Ik dronk een grote slok gin-tonic.

"Weet je, Jan. Ik kan het misschien gewoon niet aanvaarden."
Jan keek me aan, met glazige ogen.
- "Wat kan je niet aanvaarden?"
"Dat ik een klootzak ben."
Jan knikte.

- "Wil je dan geen klootzak zijn?"
Nog een slok.
"Ik denk het niet."
- "Waarom ben je het dan?"

Ik dacht na. Was ik het wel?
Ik dronk beter nog een slok tonic-gin.

"Wat is een klootzak, Jan?"
Jan dacht na.
- "Een loser." zei Jan.
Ik dacht na. Ik dronk gin.
"Precies." zei ik, kordaat.

We dronken in stilte.

"Weet je, Jan?"
Hij keek me aan.
"Ik heb het gehad."
- "Met wat?"
"Met loser zijn." "Wat ga je er aan doen?"
Ik zuchtte.

"Klootzak worden, zeker?"
Jan schudde zijn hoofd.
- "Dat is nou net het probleem, Daan."
"Wat dan?"
- "Het lijkt soms alsof je een klootzak wilt worden."

Ik schudde mijn hoofd.
"Wat wil je dat ik word, Jan?"
- "Geen klootzak?"

Ik zuchte.
"Ik voel me geen klootzak."

Dit keer schudde Jan zijn hoofd.
- "Wees er dan geen."

"Weet je, Jan?" vroeg ik, "dat is misschien precies wat ik bedoel."
- "Hoezo?"
"Je lijkt er van uit dat ik een klootzak ben."
Jan knikte. - "Dat ben je ook."
"Waarom zou ik dan veranderen?"

Jan keek dom voor zich uit.
- "Om niemand nog langer pijn te doen?"
Ik dronk gin-tonic.
"Doe ik je nu pijn?"
Jan dacht na. - "Niet echt."
"En gisteren?"
- "Ook niet" gaf Jan schoorvoetend toe.
"Waarom noem je me dan een klootzak?"

Jan dronk pils.
- "Tja, vroeger was je toch best een klootzak, niet?"
Ik zuchtte. "Kende je me dan zo goed?"
Jan schudde zijn hoofd.
- "Nee, maar ik denk wel dat je een klootzak was."

Ik dronk gin.
Ik dacht.

"Weet je, Jan?"
Jan zweeg.
"Als ik mijn verleden toch nooit kan inhalen, kan ik me er maar beter naar gedragen."

Jan zuchtte.
- "Weet je, Daan?"
Ik zweeg.
- "Doe gewoon wat je wilt.

woensdag 10 februari 2016

Hij die wacht

Liefste,

Je vroeg me waarom ik niets over je schreef. Het eigenlijke antwoord is dat ik niet weet waarom ik nooit over je schrijf. Ik heb er eigenlijk ook even over proberen nadenken. Het antwoord is dat ik het niet weet. Ik heb het best druk. Ik denk over toekomsten. Ik denk over morgen. Ik denk over volgende week. Ik denk over hoe ik in godsnaam mijn afbetaling van volgende week ga afbetalen. En ook soms over jou. Wel, vaak. Maar gewoon niet zo héél vaak.

Weet je wat 't is, liefste? Ik heb geleefde liefde en pijn te verenigen. Liefde (of wanhoop, eerder) kan niet bestaan zonder pijn. En dat is waarom ik jou niet wanhoop. Ergens diep in de gedrochten van m'n gedachten betekent dat ook dat ik jou niet lief. Maar ik hoop dat dit duister deel van m'n gedachten zich vergist.

Het heeft best wel wat destructiefs, die manier van denken van mij. 't Is niet dat ik je niet begeer; ik zou door 't vuur gaan voor je. Maar wat betekent dan, door 't vuur gaan? Op het internet valt immers te lezen dat men, met voldoende snelheid, eenvoudigweg over hete kolen kan lopen. En dat is meestal tijdens team building events...

Heb ik je dan minder lief? Nee, je hebt me enkel nog niet gekwetst. Dat komt nog. Dat beloof ik me. Mogelijk kwets ik jou tegelijkertijd. Dan ben ik helaas nog niet zeker.

Hoe is 't nog met je?
- Goed.
Cool.

Misschien moet ik vooral maar even met mezelf leren leven.

Veel liefs,
Daan.

woensdag 9 december 2015

"Wat is het dan dat je zoekt?" vroeg ze.
Ik glimlachte.
- "Zoek ik dan wat?"
Ze leek even na te denken.
"Zo lijk je wel."
Ik zuchtte.
- "Ik denk niet dat ik iets zoek."
Ik was bang te verdrinken in haar ogen.
"Waarom stuur je me dan berichten?"
Haar zelfingenomen grijns was nog niet veranderd.
Ik glimlachte terug, maar begreep niet wat er te grijnzen valt.
- "Ik mis je soms."
Haar grijns veranderde in een glimlach.
Ze bleef even stil.
"Ik jou ook, ... soms."
- "Ja, ik ook soms."

Ze nipte aan haar cava.
Vroeger dronk ze nooit cava.

"Vind je 't niet vreemd, Daan?"
- "Wat?"
"Dat je me nog mist?"
Ik dacht.
- "Goh, missen."
"Dat zei je net."
- "Misschien mis ik het jonger zijn?"
Ik nipte van m'n pintje.
Ik wenste dat ze ook nog steeds een pintje dronk.

zondag 31 mei 2015

57%

Ik kwam het meisje waar ik voor vijf jaar de liefde mee bedreef, op okcupid terug gevonden. We matchen voor 57%. Mijn analytisch brein vervormt dit tot een verklaring waarom we niet langer de liefde bedrijven.

Bummer.

donderdag 12 maart 2015

Blijf je slapen?

Wil je me even vasthouden? Ik ben namelijk bang. Doodsbang, mag je gerust zeggen. Dat gaat over als je me vasthoudt. Of toch voor eventjes, want als je terug weg gaat dan wordt ik vast weer bang. Maar dan kom je gewoon terug, toch?

Ze had haar hoofd in mijn schoot gelegd terwijl we naar de voetbal zaten te kijken. Hij keek voor haar en zij keek omdat ze niets beters te doen had. Hij dronk wijn en zij had ergens nog een half pintje open staan. Hij geeuwde. Zij draaide haar hoofd zodat ze naar hem kon kijken. Ze glimlachte. Hij glimlachte terug.

Blijf je vannacht bij me? Ik heb het bed al opgemaakt. De lakens zijn proper en ruiken fris. Ik heb ook een extra dekentje klaargelegd, voor als je het koud zou krijgen. Het is immers nog pas maart, het kan nog koud zijn.

Hij legde zijn hand op haar zij en aaide haar rug. Zij sloot haar ogen en genoot van zijn aanraking, maar dat kon hij niet zien. Er scoorde iemand, maar zij reageerde niet.

Ik zal je de hele nacht omarmen en je morgen koffie brengen, als je dat wilt. Nee, we hoeven niet te vrijen. Ik wil gewoon niet alleen zijn, want als ik alleen ben komen de gedachten terug. Dan denk ik weer aan Haar en hoe Zij nu niet meer aan mij denkt.

Hij zat eigenlijk gewoon voor zich uit te staren, terwijl zijn hand langzaam langs haar lijfje ging. Ze spon niet; niet alle meisjes spinnen - dat had hij ondertussen wel geleerd. Sommigen sponnen echter wel, maar naar die meisjes besloot hij niet langer op zoek te gaan.

Toe, blijf. Ik beloof niet meer over Haar te spreken. Ik zal lief zijn voor jou. Ik zal in je oor fluisteren dat alles goed komt en dat ik je graag zie en dat je mijn wereld bent. Ik kan erg overtuigend liegen, liefste; ik heb geoefend.

Ze draaide haar hoofd en keek hem aan. Ze rechte zich op, terwijl ze in zijn ogen bleef kijken. Ze kuste hem zacht. "Ik zie je graag" fluisterde ze. "Ik jou ook" loog hij.

Goeie morgen, wil je koffie?

donderdag 5 februari 2015

My brain is an asshole

Hi,

Waking up from a dream so vivid you're lost between worlds for a few minutes. Why now dream about you?

You smiled at me and you told me things I didn't really wanted to hear; how he cried out when he came and how he held you when you were sleeping...

I'm sure you're not the woman I remember. I have pages written about how much I've hated you during those days. But all that has been forgotten, replaced by an image that cannot be fullfilled by any woman alive.

Stupid dream. I hadn't even thought about you in weeks and you have the nerve to drop in unannounced?

Next time bring wine.

With love,
Daan.

woensdag 4 februari 2015

Poezen

Pakt u op en lijmt uzelf.
Ge zijt al lang genoeg gebroken.

"Ik mis je" schrijft ze.
En ge leest dat. En ge glimlacht.
Terwijl ze haar kut voor een ander wast.

Poezen die voor uw voeten liggen, schopt ge weg.
Want ge hebt enkel oog voor katten die bijten.
Maar eenmaal getemd stopt zo'n kat ook met krabben,
en kunt ge weer opnieuw beginnen.

Dus pakt u op, vriend.
En lijmt uzelf.
Eén van die poezen wacht op jou.

woensdag 28 januari 2015

Kom er maar bij

Kom er maar bij, meisje. Ik heb het nagevraagd, het water in deze jacuzzi is gisteren pas ververst. Het water is heerlijk als je even niet nadenkt over die miljarden microben die hier ongetwijfeld rondzwemmen. Dus denk daar gewoon even niet aan en kom er bij. Of beter nog, denk even gewoon aan niets, en kom er bij. Ik heb een plaatsje voor je bewaard.

Je mag je kleren op die stoel daar leggen, dan blijven ze droog. Het is wel even koud, maar in het water is het lekker warm. Spring er dus maar snel in. Er staat een fles wijn onder de stoel. Glazen heb ik niet, maar breng je de fles even mee?

Het regent niet meer, de lucht is aan het opklaren. Je kan zelfs de sterren al beginnen zien. Wat is jouw lievelingssterrenbeeld? Het mijne is Orion. Ik weet niet hoe dat komt. Ik zie het gewoon altijd meteen.

Je ziet er mooi uit vannacht. Heb je wat met je haar gedaan? Ja, het ziet er wel wat meer ros uit. Ik vind het mooi. Zijn je borsten ook niet wat voller dan anders?

Wat vind je van het water? Zei ik niet dat het heerlijk was? Het lijkt wel een beetje alsof je nog steeds vies bent van de microben. Denk er nu maar gewoon niet meer aan. Als je ziek wordt, zal ik je wel verzorgen.

Hoe gaat het met je rug? Heb je nog steeds pijn? Kom maar wat dichter zitten, dan masseer ik je een beetje. Zal ik de bubbels ook wat zachter zetten? Of heb je 't graag zo? Gisteren zat ik hier met een meisje die het veel te hard vond. Ik moest de bubbels bijna helemaal afzetten.

Voelt dat goed? Misschien moet je toch maar eens naar de dokter gaan. Misschien eet je te weinig ijzer en heb je daardoor zo vaak pijn. Of misschien moet je maar meer gaan sporten. Ik moet ook meer gaan sporten; dat buikje moet er terug af. Maar ik ben best lui, dus komt het er nooit van. Maar misschien als we samen gaan...?

Kijk, nu kan je Orion goed zien. Zie je die drie sterren op een rij? En die twee erboven en eronder? Dat is Orion.

Waar denk je aan? Je lijkt in gedachten verzonken. Vind je 't ook soms moeilijk om je gedachten uit te schakelen en gewoon te genieten van het moment? Ik ook. Maar probeer toch maar. Leg je hoofd maar op mijn schouder, als je dat wilt. En kijk met me naar de sterren.


Ik ben blij dat je er bent, meisje. Ik had eigenlijk gedacht je nooit meer te zien. Je komt er wel uit. Het hoeft soms allemaal niet zo diepzinnig te zijn. Enkel ik, en jij, de sterren en wijn. Geef je me de fles nog eens door?

Mag ik je kussen? Nee, het is niet erg als je 't niet zeker bent. Ergens zeker van zijn is gevaarlijk. Doe maar gewoon waar je nu zin in hebt; morgen zien we wel. Morgen komt Anna trouwens. Je mag blijven als je wilt, ik denk dat jullie het goed met elkaar zouden vinden.

Zou het vriezen? Ik denk dat het niet veel scheelt. Ik vind het leuk om de damp van het warme water te zien opstijgen. Het is alsof we in de mist zitten. Vind je dat ook een prettig gevoel, dat je lichaam warm heeft maar je neus koud? Soms moet ik even m'n hoofd onder water houden omdat ik denk dat anders mijn haar bevriest.

Moet je al gaan? Blijf je niet? Ik begrijp het. Het is toch niet omdat ik vertelde dat Anna morgen kwam? Als je wilt zeg ik het af.

Er liggen handdoeken in het kastje daar. Ik blijf nog even zitten, als je 't goed vindt. Ik wil nog even naar de sterren kijken.

Dag meisje. Het was leuk dat je er was. Laat wat weten over morgen.

zaterdag 10 januari 2015

Prenatale angst 1

"Slaapt ge al?"
Ze knipte het nachtlampje aan.
- "Hm?" vroeg ik slaperig.
"Of je al slaapt."
- "Ja" zei ik.
Ze gromde.
"Leugenaar" zei ze.
Ik draaide me om en keek haar slaperig aan.
- "Wel, nu niet meer..." zei ik.
"Goed", zei ze, "ik moet je iets vragen..."

- "Wat scheelt er dan?" vroeg ik.
Ze keek me indringend aan.
"Wat wil je eigenlijk?"
Ik knipperde met m'n ogen, wennend aan het licht.
- "Hoe bedoel je?"
"Met mij."

Ik zuchtte.
- "Hoe laat is het eigenlijk?"
Ze schudde haar hoofd.
"Ik weet het niet."
Ik keek op mijn gsm. Half vijf.
- "Jezus, liefste, ik moet er over twee uur uit.
Ze knikte.
"Sorry." zei ze. "Ga maar terug slapen."
Ze knipte het licht uit.

In het donker legde ik m'n hand op haar zij.
- "Waarom vraag je dat nu?" vroeg ik.
"Ik had een nachtmerrie" zei ze.
- "Wat droomde je?"
"Dat je sliep met een ander meisje."
Ik trok haar naar me toe en kuste haar op het voorhoofd.
- "Ik slaap niet met andere meisjes" zei ik.

Ik dacht dat ik haar hoorde snikken.
"Nee, dat zou niet geven" zei ze.
Haar stem klonk normaal.
- "Waarom was het dan een nachtmerrie?"
"Omdat je me verliet."
- "Voor dat meisje waarmee ik sliep?"
"Ja."

Ze snikte niet. Ik had het me ingebeeld.
- "Liefste?" zei ik.
"Ja?" vroeg ze.
- "Zal ik bij je blijven?"
"Ja." zei ze.
- "Ok." zei ik.
Ze kuste me.
Ik kuste haar wang.
Ik beeldde me in zout te smaken.

- "Ga maar slapen, liefste."
Ik voelde haar knikken.
"Slaap zacht" fluisterde ze.
- "Droom zachte" zei ik.
Enkele uren later zou ik wakker worden.

donderdag 10 juli 2014

Share my thoughts

There is no reason to believe you still exist.

I'm not sure what it's related to. It is, of course, possible that I completely messed it up by the way I reacted when it happened. It is likely that I pushed you away. But still... It happened before with people that wasn't me, didn't it?

There is no reason to believe you would read this.

I'm starting to think it's just the way I am. I seem to be the kind of guy who can never be happy with what he has. I always need the thing I once had. When I had you, I wanted the girl I had before you. When I had her, I could only think about that first one. And now, when I'm back together with that first girl, I can't seem to stop thinking about you.

There is no reason to think you're even giving me a second thought.

And what is it I want? Do I want to build a carreer? I've been building that for ages. It doesn't seem to make me very happy. Do I want you? I didn't seem to like you all that much. Do I want her? Well, apparently that's not ideal either.

There is no reason to stay awake.

I wish I could tell her I am able to change.
I wish I could promise you I am able to change.
I wish I could show the next one how much I have changed.

There is no reason to complain.

But the truth?
I still think about her.
I still think about you.
I still think about that girl I've loved when I was sixteen.

(I'm sure you've grown numb by now.)

How are you?
I'm doing well.
How is your family?
They're doing well.

(And the endless nagging continues.)

I wish to see you again.
And yet I'm quite happy.

Quite.
As usual.

(There is no reason to doubt.)

It's fine.
Fine.

Bye.

vrijdag 20 juni 2014

Vrijdag nacht

Het meisje dat voor hem zat was niet meer het meisje dat hij al die tijd eerder had leren kennen. Hij had haar staan opwachten buiten het restaurant. Ze was maar een paar minuten later dan hem toegekomen. Ze had geglimlacht en hem een kus op z'n wang gegeven. En terwijl ze hem kuste had hij haar geur proberen herkennen. Dat deed hij niet. Was hij haar geur vergeten? (Of was haar geur veranderd?)

Hij bekeek de kaart. Hij zou wat lichts bestellen. Hij had buikpijn, zoals gewoonlijk op een eerste date. Niet dat hij wat verwachtte. Maar toch had hij buikpijn. Zijn hoofd had geen verwachten, maar zijn maag wel. Hij grijnsde bij die gedachte.

Ze zocht de ribbetjes. Ze had zin in vlees. En hij betaalde, dat was één van de afspraken geweest. Ze vond de ribbetjes. Niet het duurste van de kaart. Gohja, ze had er zin in. En wijn. Daar had ze ook zin. Dat zou er wel bij smaken. Rode wijn. Ze keek op.

"Heb jij de wijnkaart?" vroeg ze.
Hij keek even rond. Zoutvat, pepervat, servieten. Geen wijnkaart.
Hij draaide z'n kaart om. 
- "Ha, hier. Op de achterkant."
Ze glimlachte en dook de kaart weer in.

Hij keek naar haar. Ze had haar haar kort gelaten. Hij vond het mooier lang. Ze had ook haar nagels gelakt. Hij vond ze mooier naturel. En haar make-up was eigenlijk ook een beetje mislukt. Hij vroeg zich af of ze ouder geworden was...

"Ik ga de ribbetjes nemen." zei ze.
- "Ok. Ik, euh..." 
Hij probeerde zich te concentreren op de kaart.
- "Ik neem de risotto."
Hij wist niet wat risotto was.
Het stond prominent waar zijn ogen gevallen waren.

"Drink je wijn?"
Hij knikte.
- "Waarom niet. Nemen we een fles?"
Ze keek bedenkelijk.
"Nee, laten we een halve fles nemen."
Hij knikte.

De ober nam hun bestelling op.

"Zo." zei ze. 
"Hoe gaat het met je?"
- "Goh." zei hij.
- "Dat gaat. Druk hé."
"Werk?"
- "Ja. Massas werk."
"Maar 't is wel plezant werk?"
- "Goh. Ja. Valt wel mee."
"Uhu."

Ze speelde met haar vork.

- "Euh, en met jou?"
"Goed!" zei ze.
Ze grijnsde.
Hij begreep de grijns niet.
- "Nog steeds hetzelfde werk?"
"Yep. Het gaat goed."
- "Vind je 't leuk?"
"Ja, ontzettend! Leuke collega's."
- "Da's belangrijk."

De ober kwam het karafje wijn brengen.
Zij schonk in.

- "En wat houdt het nu eigenlijk in, je job?"
Ze legde uit wat haar job in hield.
Hij zat aan een volgende vraag te denken.
De conversatie mocht niet stilvallen.
En het moest licht blijven.
Klootzak, dacht hij, hou het nu licht.

Was ze echt zoveel veranderd? Haar stem nam hem wel terug naar vroeger. Ook het gevoel dat hij deed alsof hij luisterde, kwam meteen mee. Hij knikte, zonder echt te weten waarom hij knikte. Hij probeerde in ieder geval het oogcontact te bewaren. Die kijkers, dat had hem toch steeds zo ongelofelijk aangetrokken... Die diepe, blauwe kijkers waarin hij leek te verdwalen...

De ober bracht het eten.
Het hare zag er lekker uit.

"Ik wist niet dat je dat lekker vond, risotto."
Hij wist opslag dat hij dat niet lekker zou vinden.
- "Soms eens, als afwisseling" grijnsde hij.
"Hm, had ik niet van je verwacht."

Hij keek naar haar handen.
Hij vroeg zich af of ze haar vork en mes nog steeds tussen elke hap wisselde.
Snijden met rechts, prikken met rechts. Alles met rechts.

"De ribbetjes zien er in ieder geval ongelofelijk lekker uit."
Hij knikte.
Ze sneed de ribbetjes met rechts.

- "Hoe gaat het met de katjes?" vroeg hij.
Hij porde wat in z'n risotto.
Hij stak een hap in z'n mond.
Hij vond dat risotto weinig smaak had.

"Goed. Ze doen het goed. Ze hebben zich goed aangepast."
De verdomde katten. Hij zou nooit toegeven dat hij die klotebeesten eigenlijk ook best miste.
- "Is die dikke nog steeds zo dik?"
"Yep, nog steeds. Slapen en eten."
- "Eat, sleep, rave, repeat" zei hij.
"Wat?"
- "Niets. Een liedje."
"Hm. Ken ik niet."

Ze wisselde.
Ze nam de vork in haar rechter hand om een stuk aardappel op te prikken.
Hij grijnsde.

"Waarom grijns je?"
- "Niets. Je vork."
"Hoezo?"
- "Dat je nog steeds wisselt."
Ze glimlachte flauwtjes.
"Yep."

Ze aten.
Zij praatte.
Hij dronk.
Zij bestelde nog een karafje.

Hij had z'n halve risotto laten staan.
De ober had alles meegenomen.
Er bleven nog enkel twee glazen wijn.
En zij werd stil.
Hij bleef stil.

"Weet je" zei ze.
Ze stopte.
- "Hm?"
"Laat maar."
Hij wou niet doorvragen.

Ze keek naar haar horloge.
"Ik moet gaan." zei ze.
- "Ok" zei hij.
Hij betaalde.
Ze stelden zicht recht en gingen naar buiten.

Ze kuste hem op de wang.
"Ik vond het leuk je nog eens te zien."
- "Ik vond het ook leuk."

Ze stapten even dezelfde richting uit.
- "Wat doe je morgen?" vroeg hij.
"Oh. Ik heb plannen."
- "Ok, geen probleem." zei hij.
Ze keek hem aan.
"Ik bel je wel."
- "Ok."

"Slaap zacht straks."
- "Droom zacht."

Hij stopte aan de nachtwinkel en kocht een fles whisky van het merk dat ook zij graag dronk.


zaterdag 26 april 2014

SMS

"Waar the fuck ben je?
We zitten op je te wachten."
Niet voor mij bedoeld.

Verder alles goed.
Met jou?

Je fluistert wat over treurnis.
Ik fluister wat over liefde.

Je vraagt of het over gaat.
Ik schud mijn hoofd.
Jij huilt.

Op het nachttafeltje,
nog steeds,
de geladen revolver.

Je sms't het juiste nummer.
Je trekt de deur achter je dicht.
En ik? Ga slapen.

woensdag 23 april 2014

Het Lot van de Klagende Zelfstandige

Het gaat niet goed in België. Het gaat zelfs ronduit slecht. Het is, misschien, zelfs nog nooit zo slecht gegaan als nu. En dat komt door de regering, meneer. Want zij maken het land kapot. En de vakbonden. En de belastingcontroleur. En de bestuurders van de Lijn. Want zij jagen ons, de brave ondernemers, weg uit dit apenland.

Het lijkt eigen te zijn aan een zelfstandige. Of hij nu groot of klein is, of hij nu geld met hopen verdient of elke maand de eindjes aan elkaar moet knopen. Ze hebben (bijna) allemaal één ding gemeen: zij betalen teveel belastingen en het systeem helpt hen niet vooruit.

Folke verhuist zijn bedrijf, dat handelt in sociale media, naar Amerika omdat hij - door gelijkschakeling van arbeiders en bedienden - een werknemer vier maand ontslagsvergoeding moest uitbetalen. Dat vermelde bedrijf überhaupt geen arbeiders in dienst heeft, wordt volledig buiten beschouwing gelaten.

En wie zelfstandig is, heeft een mening. En wie succesvol is, heeft een forum. En wie niet succesvol is, of wie een groter forum heeft, of wie wel solidair wilt zijn met mede-zelfstandigen (maar niet met de rest van de bevolking), sluit zich aan bij een zelfstandigensyndicaat. En daar versterken zij hun mening.

Bart baat een succesvol webbureau uit. Bart vindt, zoals elke ondernemer behoeft, dat hij te veel belastingen betaalt. Hij somt ze allemaal op, met de loonkost van zijn bedienden er netjes bij gezet. En daarna rekent hij uit hoeveel hij over houdt als hij een product van 1000 euro verkoopt. 21% gaat meteen naar de btw, die hij netjes bij "kosten aan de staat" noteert. Over het feit dat hij in de laatste tien jaar geen enkele particuliere klant heeft gehad, en de btw dus in die jaren geen enkele invloed heeft gehad op de prijszetting, rept hij met geen woord.

Maar wie een bedrijf leidt is vaak niet de persoon die interesse heeft in hoe de dingen nu eigenlijk werken. Iemand niet kunnen ontslaan krijgt al snel een vereenvoudigde uitleg in de media, of btw wordt als een kost beschouwd. Waarschijnlijk omdat de grote leider zelf het fijne van de zaak niet weet (en die ook vaak simpelweg niet wilt weten - daar betaal je mensen voor, toch?)

Annita belt naar Unizo om te vragen hoe ze Mariette op staande voet op straat kan zetten. Mariette werkt al twee jaar in het kapsalon. Unizo probeert haar zoveel mogelijk te helpen, maar zelfs samen vinden ze geen enkele belastende reden waarom Mariette haar ontslagsvergoeding zou kunnen ontlopen. Annita dreigt daarop haar lidmaatschap met Unizo stop te zetten.

Maar kennis is nooit een vereiste geweest om een mening te verkondigen. Gelukkig, niet? Wat zou onze democratie anders uitgehold worden. Toch vind ik jammer dat er steeds zoveel aandacht is voor mensen die eigenlijk niet helemaal weten hoe de vork in de steel zit.

Ik vind het jammer dat je een zelfstandige nooit hoort toegeven dat hij minder dan 20% belastingen heeft betaald. Of dat de maximale belasting die je op winst betaalt nooit hoger ligt dan 50%, terwijl dat voor werknemers vaak wel kan. Of dat hij zich die Porsche zonder zijn vennootschap eigenlijk nooit had kunnen veroorloven.

En soms, als ik zulke artikels lees, schaam ik me voor mijn eigen statuut.

zondag 13 april 2014

Klootzak

Ze riep "klootzak!" terwijl ze de deur van de wagen dicht sloeg. Ze stak haar middelvinger op en stak de straat over. Ik kon niet zien of ze nog huilde, maar ze was in ieder geval kwaad. Ze had recht om kwaad te zijn. Ze had het recht om mij een klootzak te noemen. Ik had immers flink mijn best gedaan een klootzak te zijn. Dus reed ik weg nog voor zij haar voordeur dicht trok.

Ik reed door de stad die ik dankzij haar had leren kennen. Ik reed langs de café's waar zij ook nu nog vaak zou komen, zonder mij. Ik dacht aan die eerste nacht met die drie duvels. Met de trein naar huis, na die eerste kus, omdat ik een week eerder mijn auto in friet had gereden. En een laatste sms om haar een mooie droom te wensen.

Ik weet het niet meer, meneer. Was ik dan niet steeds eerlijk geweest? Was het niet duidelijk van in het begin? Heb ik überhaupt gelogen of verzwegen?

Ik fluisterde dat ik niet durfde. Ik fluisterde dat het een groot gebeuren was voor haar. Ik fluisterde dat ik niet zeker genoeg was om zo'n stap (voor haar) te nemen. We lagen in bed en zij ging met haar vingers door m'n weinige borsthaar. Ze fluisterde dat het goed was, dat ze het wilde, dat het allemaal niet zoveel gaf...

Het ging allemaal zo snel, meneer. De weken vlogen voorbij. Ik zag haar niet zo vaak, enkel in het weekend. En de weken leken zo kort. En plots had ik al veel te lang gewacht...

Ze kwam aan met de trein. Ze had Tibetaanse vlaggetjes gekocht. (Die konden mij gestolen worden, maar voor haar hing ik ze op.) Ze kuste me. Ik kuste terug, maar wist niet goed hoe te beginnen. Ze was droevig. Ik wou haar niet nog droeviger maken. Ik wachtte nog een week.

Begrijpt u, meneer? Ik wou het niet. Ik wou haar niet kwetsen. Ik wou haar niet verder duwen dan ze al zat. Ik wóu haar niet afwijzen, maar ik wou ook niet van haar houden. Ik wou op een dag gewoon verdwijnen.

Ze huilde, maar wou me niet vertellen waarom. Ze had het moeilijk, maar wilde mij daar niet mee belasten. Ze wou enkel eventjes huilen. Daarna kwam ze terug.

Laat me het uitleggen, meneer! Ik voel níets. Niet voor haar, niet voor een ander. Ik ben gevoelloos. Ik heb het druk om te voelen. Ik ben te oud om te voelen. Ik ben te leeg om te voelen. Ik ben te verheven om te voelen. Ik wil niet meer voelen.

Ze probeerde me te kussen, maar ik kuste niet meer terug. Ik wist wat ik haar later die avond zou vertellen. Ik had het me voorgenomen. Of zou ik nog een weekje wachten? Ze zag er alweer zo droevig uit...

Je hebt gelijk, meneer. Ik ben een klootzak.
Of misschien eerder een lafaard.
Ik had veel eerder eerlijk moeten zijn.
Denk niet te lang aan me, want dat verdien jij niet.

maandag 17 maart 2014

Breathe

Breathe.
Just breathe.
Keep your eyes closed.
It's okay.
It's always okay.
Just repeat it in your mind.
It's okay.
It's always been okay.
It will always be okay.
As long as you breathe.
As long as you repeat.
As long as you look forward.

No.
Keep your eyes closed.
It won't be long.
I promise.
I'll be here.
With you.

Here, take this.
Feel it.
It's okay.
I won't use it.
Keep your eyes closed.
Think about it.
You don't have to decide now.

I'll be here.
If you go.
Or if you stay.
I'll be here.

Don't worry.
You'll be light again soon.

zondag 23 februari 2014

Anders dan het gros van de wereld

"Ik voel me toch anders dan het gros van de wereld" zei ze. Ik keek haar aan. Ik keek naar haar rode haren, haar blauw/groene ogen, haar licht-doorzakkende borsten en haar licht-overgewichtige buik. Ze zat tegenover mij in de zetel. Naakt in de living, omdat ik in haar slaapkamer niet mocht roken. 

Ze glimlachte, maar niet overtuigend.
"Ik denk dat jij ook zo bent."
Ze keek afwachtend.
- "Ik?" vroeg ik.
"Jij" zei zij.

Ik zuchtte, terwijl ik de rook van de vorige trek voor me uit blies.
- "Ik denk niet dat ik anders ben dan de anderen."
"Nee?"
- "Ik denk ook niet dat jij anders bent dan de anderen."
"Hm".
Stilte.

"Maar de anderen zijn zo... oppervlakkig."
Haar ogen zochten naar herkenning.
- "Hoe bedoel je?" vroeg ik.
Ik wist het antwoord al.
"Ze lijken zoveel... minder gevoelig."

Ze liep naar de kast en nam een glas.
Op het aanrecht stond nog een halve fles wijn.
Ze goot zichzelf een glas uit en kwam terug in de zetel zitten.

- "Eigenlijk denk ik dat we allemaal even intens leven."
Ze keek me vragend aan.
"Hoe bedoel je dat?"
Ik zocht naar mijn woorden en staarde onbewust naar het wijnglas.
"Oei, wou je ook wat? Ik vergat het te vragen."
Ik schudde mijn hoofd en trok aan m'n sigaret.

- "Ik bedoel dat iedereen z'n eigen miserie invult."
Nu keek ze nog bedenkelijker.
- "Probeer het je voor te stellen als een gas. Je hebt een vat dat 'miserie' noemt. Het is je vat van ongelukkigheid. En het is, pakweg, zestig liter."
"Zestig liter van ongelukkig zijn?"
- "Ja. En als het vol is, ben je volkomen ongelukkig."
Ze knikte.

- "Maar het is een gas, dus het zet zich uit naar gelang het volume..."
Ze keek weer bedenkelijk.
- "... ik bedoel, met een kleine hoeveelheid kan je de hele zestig liter vullen."
Ze keek nog bedenkelijker.
- "Gas probeert de ruimte te vullen voor het samengedrukt wordt?"
Ze knikte bedenkelijk. 
"Euh, ja... Maar wat heeft dat te maken met gevoeligheid?"

Ik trok van m'n sigaret.
- "Iedereen vult het vat met wat die wil. Soms zijn het grote dingen, zoals je ouders die sterven, een grote liefde die je verlaat, ... Maar soms zijn het ook kleine dingen, zoals die collega die geen goeie morgen zei."
Ze knikte.
- "Als je vat leeg is, en er komt een klein beetje bij, kan het wel als ontzettend véél aanvoelen."
"Waarom?"
- "Omdat het gas zich uitzet. Het gas neem het gehele vat in. Je wordt intens ongelukkig, om iets stoms. Mensen die verder geen ongeluk in hun leven kennen, kunnen ontzettend triest worden omdat het werk niet lukt."

"... maar er is toch een andere intensiteit?" opperde ze. "Het kan toch niet dat zoiets evenveel pijn kan doen als bijvoorbeeld een kind verliezen?"
- "Ik weet dat niet. Ik denk dat er meer druk komt."
"Hoe bedoel je, meer druk?"
- "Ik bedoel, dat een kind verliezen evenveel volume inneemt, maar dat de druk op de ketel hoger gezet wordt."
"En wat is daar dan het resultaat van?"
- "Dat het langer duurt voor de druk weer minder wordt. Dat het langer duurt voordat dat ongeluksgevoel wegebt."
"... Dus ze hebben het zwaarder."
- "Ja, omdat het langer duurt."
"Maar ook omdat het zwaarder is!"
- "Dat weet ik niet."

Ze zuchtte. Ze nam m'n hand vast en nam een trek van m'n sigaret.
"Ik ga niet akkoord" zei ze, "maar laten we gaan slapen."
Ik glimlachte.
- "Ik ben blij dat je niet akkoord kan gaan en toch wilt gaan slapen."
Ze grijnsde. "Hoort dat niet zo?"

We gingen slapen.

En ik?
Ik bedacht dat ik dat nog moest leren.

woensdag 5 februari 2014

Meestal

't Doet zeer, Maaike.
't Doet nog altijd zeer.
Niet constant, natuurlijk.
Maar soms, als ik even niet oplet.
Of als ik even teveel tijd heb.
Als ik 't eventjes niet druk heb.
Dan doet het zeer.

Meestal hou ik me bezig.

maandag 30 december 2013

Lynn

Liefste Lynn,

Het is bijna zo ver! Nog een klein etmaal en we hebben 2013 overleefd. Met wat blutsen en een nieuwe auto, althans. Ofja, ik zeg nieuw... het is eigenlijk net een heel oude auto. Maar dat geeft niet, denk ik. Die oude auto's hebben ook wel iets, toch?

Maar we leven nog. En die blutsen, die vallen wel mee. 't Is nog geen tijd voor een nieuwe carrosserie. En we zijn dan wel nog niet in Australië geraakt, maar dat klote-land zal wel niet meteen weglopen, zeker?

Wat zijn jou plannen volgend jaar? Of heb je er óók geen? Ik weet het niet goed. Misschien nog wat verder doen in Maria vergeten? Oh... en m'n huis verbouwen. Dat is dringend. En minder drinken, misschien? En nog eens op bezoek komen bij jou, natuurlijk! Dat is ook alweer maanden geleden.

We hebben elkaar toch ook wel een beetje op een vreemde manier leren kennen, hé. Toen ik je pa in z'n onderbroek tegen kwam in de badkamer... En je moeder maar gillen, zeg.

Dat het tijd wordt dat het terug lente is; dat zeg ik je. Dat we terug samen in het gras kunnen liggen en daarna samen op mijn oude Suzuki door het landschap kunnen scheuren. Naar de zee, of naar de bergen; jij mag kiezen. Ver van Maria, en van Maaike, en van al die andere vergettertjes. Naar de zon, of naar de sneeuw?

Laat je nog eens wat horen van je?

Liefs,
Daan.

Het vervolg

Ze zaten naar het scherm te staren. Hij zag dat ze ontroerd was door wat ze las. Onverzadigbaar bleef ze naar beneden scrollen, op zoek naar het vervolg. Maar ze kon het niet vinden, hij wist dat ze het niet zou vinden, simpelweg omdat het nog niet bestond.

Vond je 't mooi? Klik op "Vind ik leuk" en ik vertel je binnenkort een nieuw verhaal.

Hierzo ↑