maandag 8 juli 2013

Bijna niets

Ik vraag toch niet veel?
Een meisje dat naast me wakker wordt,
dat naast me zit als ik naar een film kijk
dat zegt dat ik lekker kook.

Ik vraag toch niet veel?
Een meisje dat me de weg toont als ik verloren loop,
dat naar me op zoek gaat als ik diep zit
dat van me houdt als ik haar even vergeten ben.

Ik vraag toch niet zoveel?
Een meisje dat haar benen sprijdt
dat onvoorwaardelijk de mijne is
die meegaat in elke perversiteit.

Ik vraag toch niet veel?
Een meisje dat me recht houdt als ik ten onder ga
dat me kalmeert als ik haar haat
dat me gerust laat als ik alleen wil zijn.

Ik vraag toch niet veel?
Dat meisje dat onvoorwaardelijk van me houdt,
terwijl ik, onzeker, stom haar liefde verraadt,
en zij mij toch terug in haar armen neemt.

Tot ik, op een dwaze avond,
op het strand van Oostende,
plechtig aan mezelf beloof
dat ik haar nooit meer verlaat.

zondag 7 juli 2013

Het gemiddelde

"Geluk is van tijdelijk duur" schreef hij. Hij zat met z'n dronken kloten voor z'n computerscherm en schreef een email naar iemand die er niet was. "Geluk is er zolang we het respecteren. Verliezen we het respect ervoor, dan is het verloren." Hij las wat hij geschreven had en bedacht dat het belachelijk klonk. Toch vond hij het waarheid.

Hij besloot dat hij zijn lot "Maaike" zou noemen, dus besloot hij de email naar Maaike te sturen. Ze had er misschien geen boodschap aan, maar hij hoopte toch dat zij het zou begrijpen. Hij wist dat zij dat niet zou doen.

"Ik wil met je vrijen." schreef hij. "Ik wil met je vrijen gedurende de hele nacht en de hele dag, tot ik moe ben." Hij dronk van z'n pint en trok van z'n sigaret. "Daarna wil ik slapen en naast je wakker worden. En dan gaan we ontbijten."

"We zijn te gevoelig, ik en jij." schreef hij verder. "Wij weten hoe het leven in elkaar zit. Wij weten dat we niet weten hoe het leven in elkaar zit. Wij weten dat we verloren zijn, en aanvaarden dat, Maaike." Hij dacht aan Maaike's borsten, aan haar vingers, aan haar foef. Hij wou dat ze bij hem was.

"Maar het gaat over het gemiddelde, Maaike. Zijn we twee dagen gelukkig, dan mogen we één dat ongelukkig zijn. We waren een half jaar gelukkig, dus hebben we het recht om iets minder dan een half jaar ongelukkig te zijn. Zolang het gemiddelde gelukkig is, kunnen wij overleven."

Hij vroeg zich af of hij gemiddeld gelukkig, of ongelukkig was. Hij besloot dat hij vandaag enkel dronken was. Hij vroeg zich af of "dronken" ook "gelukkig" was. Hij miste haar en besloot van niet.

"We kunnen het niet, Maaike" besloot hij. "Wij kunnen dat niet, liefhebben en lief gehebt worden. Als we onszelf niet verliezen, verliezen we de ander. En zo moeten we verder, van top naar dal, telkens verder, op zoek naar hoe het dan eigenlijk wél moet."

"We zullen het nooit vinden, Maaike, want het bestaat niet. Het is beter er maar meteen een eind aan te maken." Hij wou er helemaal geen eind aan maken. "Of we geven op en we besluiten dat we het nooit zullen vinden, en we leggen ons daar bij neer. En we drinken, en we feesten, en we doen alsof het ons niet deert." Hij zuchtte. "... maar dat kunnen we niet."

"Wat blijft ons nog over dan, Maaike; de strop? Neen, de strop is opgeven. De strop betekent dat we losers zijn. Ik kan daarom niet voor de strop kiezen, ik kan enkel voor het leven kiezen. Ik kan enkel kiezen voor het gemiddelde. En hopen dat ik de quota haal."

"Voor elke dag dat ik gelukkig ben, ben ik bereid een halve dag ongelukkig te zijn, Maaike." schreef hij, afsluitend. "Voor elke dag samen met jou kan ik een halve dag zonder jou." 

Hij schreef nog "Ik hou van jou". Hij verstuurde de email. Hij wist dat er niets goeds van zou komen, maar dat deerde hem niet. Zijn waarheid was heilig en de quota definitief.

donderdag 4 juli 2013

Een nieuw verhaal

Uit goede gewoonte ben ik nog maar eens met een nieuw verhaal begonnen. Je kan de dolle avonturen van Oliver en Maria vanaf vandaag volgen op http://constant-now.blogspot.be/

Ik en jij en wij

Ik, kapot van de idee dat ik je nooit of te nimmer meer zou zien, met een fles whisky en een sigaret. Jij, kapot van de idee dat je er weer in geluisd bent, met een pint en een sigaret. Duizend kilometer van elkaar.

Ik, wanhopig, uitgeblust, kwaad op mezelf omdat ik het weer zo ver heb laten komen. Jij, gedecideerd, koppig, onzeker over liefde, kwaad op mij omdat ik het weer zo ver heb laten komen. Jij, met de idee dat ik een klootzak ben. Ik, met de idee dat jij het meisje van mijn leven was.

Water en wijn. Water in de wijn. Wijn in het water. Een existentieel crisis meer of minder, wat zou het in de oneindigheid van het heelal.

Ik, keihard aan het proberen jou te vergeten. Jij, keihard aan het proberen mij vergeten te zijn. Ik, wanhopig op zoek naar Maaike. Jij, keihard op zoek naar jezelf.

We zijn laf.

woensdag 3 juli 2013

Kom eens wat dichter

"Kom eens wat dichter." We zaten in de zetel. Op de achtergrond speelde dEUS. Ze zei niet zoveel. Ze kwam wat dichter zitten. "'t Is niet altijd makkelijk hé." Ze zei niets, maar legde haar hoofd op mijn schoot. Ik ging met m'n vingers door haar haren. 

"Soms vraag ik me af waarom we het eigenlijk nog doen." Ze draaide haar hoofd, mijn hand naar een ander plekje op haar hoofd leidend. - "Wat zouden we anders doen?" vroeg ze. Ik wist niet meteen een antwoord.

Ze ging terug recht zitten en stak een sigaret op. Ik dronk een slok rode wijn. Ze ging tegen me aan gaan liggen. We genoten van de duisternis van de nacht en van de flikkering van het kleine lichtje van de sigaret. "Het is weer zomer, Maaike." Ze knikte. "Weet je 't nog, die vorige zomer?" Ze knikte. "Wat een zootje." Ze knikte.

Ik gaf ze een kus op haar kruin. "We gaan er deze keer geen zootje meer van maken, hé?" Ze zei niets. "Dit jaar doen we 't anders." Ze tipte de as van haar sigaret in de asbak en kwam weer tegen me liggen. "Geen verplichtingen meer, geen verwachtingen meer. "En we wachten gewoon tot we weer liefde vinden." Ze knikte. Ik legde m'n arm op haar rug. "Ik ben blij dat je hier bent."

Ze duwde haar sigaret uit in de asbak. - "Vergeet niet dat het maar voor even is, Daan." zei ze. "Ik weet het, Maaike." - "Voor héél even, Daan." - "Het kan me niet schelen, Maaike." - "En je bent zeker dat dat okay voor je is?" Ik knikte.

Ze kuste me. Ik kuste haar. - "Ben je héél zeker?" vroeg ze. Ik kuste haar. "Ja." Ze ging terug liggen. - "Wil je geen ander liedje op leggen?" dEUS zong "Nothing really ends". Ik wisselde de cd. - "Wat wil je nu doen?" vroeg ze. "Gewoon, graag zien." - "Wie?" vroeg ze. "Om 't even, Maaike." - "Mij?" vroeg ze. "Vanavond." antwoordde ik. Ze dacht even na. - "Ik jou ook." zei ze. - "Vanavond."

Ik was eigenlijk gewoon blij dat er was.
En overmorgen zou er wel een andere Maaike zijn.

Mellow

Jim: “I don’t know what you want me to tell you, man. All I know is that every time I’ve been faced with a tough decision, there’s only one thing that outweighs every other concern — one thing that will make you give up on everything you thought you knew. Every instinct. Every rational calculation

Dwight: Some sort of virus?

Jim: Love… Dwight, listen, no matter happens, you gotta forget about all the other stuff. You gotta forget about logic and fear and doubt. You just gotta do everything you can do get to the one woman who’s going to make all this worth it. At the end of the day, you gotta jump. You love Angela, Dwight. I think you always have.

- The US Office, Season 22, Episode 22
http://www.youtube.com/watch?v=V-Gw0bWfxF8

dinsdag 2 juli 2013

Zonder

Ik ben er van af. Ik ben vrij. Ik moet niet meer afspreken wat we vanavond gaan doen. Vanavond doe ik wat ík wil doen. En als ik niets wil doen dan doe ik helemaal niets.

Ik mag diepvries pizza's eten als ik wil. De hele week diepvries pizza's. En ik hoef daar geen uitleg over te geven. Ik hoef niet meer te koken voor jou. Ik hoef niet meer naar huis te komen omdat jij daar op me zit te wachten. Ik hoef de wc niet meer te kuisen. Ik hoef geen rekening meer te houden met je hond.

Ik kan zonder je wakker worden wanneer ik het wil en zonder jou gaan slapen wanneer ik wil. Ik kan zonder jou mijn boterham smeren, mijn ice tea drinken, mijn motorfiets herstellen en naar de gentse feesten gaan. Ik kan zuipen en zuipen en praten en gieren en dansen en zingen en zuipen en gillen, allemaal zonder jou.

Ik moet niet meer denken aan wat jij van mij verlangd. Ik moet niet meer nadenken over die dingen waar jij droevig van wordt. Ik moet nu niet meer denken aan hoe ik je 's nachts moet omhelzen. Ik hoef niet meer denken aan de tippen van mijn vingers die langs je blote rug glijden. Ik moet niet meer denken aan je haar, aan je ogen, aan je bloedmooie gezicht. Ik moet niet meer van je houden, ik moet niet meer met je vrijen, ik moet je niet meer knuffelen.

Ik zou niet meer moeten denken aan hoe je soms lief was. Ik zou niet meer moeten denken aan over hoe je me altijd mee nam op je vreemde avonturen. Ik zou niet meer moeten denken aan hoe jij me vastnam, hoe jij me kuste, hoe we samen de zee verkenden. Ik zou niet meer moeten denken over hoe je me overal thuis deed voelen, over hoe je alles deed om goed te maken voor ons.

Ik mag niet meer denken over hoe graag je me wel zag. Ik mag niet meer denken aan hoe ik vergat om jou graag te zien. Ik mag niet meer denken over hoe je me gelukkig maakte, terwijl ik dat eigenlijk zelfs niet helemaal zag. Ik mag niet meer denken aan hoe graag ik je eigenlijk wel zie.

Ik moet je laten gaan.
Ik moet je vergeten.
Ik moet stoppen met jou graag te zien.

Ik moet stoppen met denken aan jou.

Het vervolg

Ze zaten naar het scherm te staren. Hij zag dat ze ontroerd was door wat ze las. Onverzadigbaar bleef ze naar beneden scrollen, op zoek naar het vervolg. Maar ze kon het niet vinden, hij wist dat ze het niet zou vinden, simpelweg omdat het nog niet bestond.

Vond je 't mooi? Klik op "Vind ik leuk" en ik vertel je binnenkort een nieuw verhaal.

Hierzo ↑